Rome-convention.org - online database on the convention on the Law Applicable to Contractual Obligations (Rome 1980)




Cases

Bibliography

About this site
Editors
Home

ERA - Academy of European Law Trier
With the support of the European Union
 
 


Text of the 1st Interpretation Protocol

Eerste Protocol betreffende de uitlegging van het Verdrag van 1980 door het Hof van Justitie (geconsolideerde versie) / Verdrag van Rome van 1980

Publikatieblad nr C 027 van 26/01/1998 BLZ. 0047 - 0051

WOORD VOORAF

De ondertekening op 29 november 1996 van het Verdrag inzake de toetreding van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot het Verdrag van Rome inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst en tot de twee protocollen betreffende de uitlegging van dat Verdrag door het Hof van Justitie, heeft het wenselijk gemaakt een gecodificeerde versie op te stellen van het Verdrag van Rome en de twee protocollen.

Deze teksten gaan vergezeld van drie verklaringen: een verklaring uit 1980 betreffende de harmonisatie van maatregelen met betrekking tot in de Gemeenschap aangenomen verwijzingsregels en die van het Verdrag, een tweede verklaring, eveneens uit 1980, met betrekking tot de uitlegging door het Hof van Justitie van het Verdrag en een derde verklaring uit 1996, met betrekking tot de naleving van de procedure van artikel 23 van het Verdrag van Rome inzake het goederenvervoer over zee.

Het Secretariaat-generaal van de Raad, in welks archieven de originelen van de betrokken teksten worden bewaard, heeft de tekst van deze uitgave opgesteld. Er zij evenwel opgemerkt dat deze tekst niet bindend is en dat de officiële teksten van de gecodificeerde instrumenten te vinden zijn in de volgende nummers van het Publicatieblad:

BIJLAGE

EERSTE PROTOCOL (1) betreffende de uitlegging door het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, voor ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980

DE HOGE VERDRAGSLUITENDE PARTIJEN BIJ HET VERDRAG TOT OPRICHTING VAN DE EUROPESE ECONOMISCHE GEMEENSCHAP,

VERWIJZENDE naar de gemeenschappelijke verklaring, gehecht aan het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, voor ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980,

HEBBEN BESLOTEN een protocol te sluiten waarbij aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen de bevoegdheid wordt toegekend om genoemd Verdrag uit te leggen en hebben te dien einde als hun gevolmachtigden aangewezen:

(Door de lidstaten aangewezen gevolmachtigden)

DIE, in het kader van de Raad van de Europese Gemeenschappen bijeen, na overlegging van hun in goede en behoorlijke vorm bevonden volmachten,

OVEREENSTEMMING HEBBEN BEREIKT OVER DE VOLGENDE BEPALINGEN:

Artikel 1

Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen is bevoegd uitspraak te doen over de uitlegging:

a) van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980, hierna "het Verdrag van Rome inzake verbintenissen" te noemen;

b) van de Verdragen inzake de toetreding tot het Verdrag van Rome inzake verbintenissen van de staten die lid zijn geworden van de Europese Gemeenschappen na de datum waarop dit Verdrag ter ondertekening werd opengesteld;

c) van het onderhavige protocol.


Artikel 2
Elke hiernagenoemde rechterlijke instantie kan het Hof van Justitie verzoeken, bij wijze van prejudiciële beslissing, een uitspraak te doen over een vraag die in een bij deze instantie aanhangige zaak aan de orde is gekomen en die betrekking heeft op de uitlegging van de in artikel 1 genoemde teksten, indien deze rechterlijke instantie een beslissing op dit punt noodzakelijk acht voor het wijzen van haar vonnis:
a) - in België:
het Hof van Cassatie (la Cour de Cassation) en de Raad van State (le Conseil d'État),
- in Denemarken:
Højesteret,
- in de Bondsrepubliek Duitsland:
die obersten Gerichtshöfe des Bundes,
- in Griekenland:
Ôá áíþôáôá ÄéêáóôÞñéá,
- in Spanje:
el Tribunal Supremo,
- in Frankrijk:
la Cour de Cassation en le Conseil d'État,
- in Ierland:
the Supreme Court,
- in Italië:
la Corte suprema di Cassazione en il Consiglio di Stato,
- in Luxemburg:
la Cour Supérieure de Justice siégeant comme Cour de Cassation,
- in Nederland:
de Hoge Raad,
- in Oostenrijk:
het Oberste Gerichtshof, het Verwaltungsgerichtshof en het Verfassungsgerichtshof,
- in Portugal:
o Supremo Tribunal de Justiça en o Supremo Tribunal Administrativo,
- in Finland:
het korkein oikeus/högsta domstolen, het korkein hallinto-oikeus/högsta förvaltningsdomstolen, het markkinatuomioistuin/marknadsdomstolen, en het työtuomioistuin/arbetsdomstolen,
- in Zweden:
Högsta domstolen, Regeringsrätten, Arbetsdomstolen en Marknadsdomstolen,
- in het Verenigd Koninkrijk:
the House of Lords en de andere rechterlijke instanties tegen welker beslissingen geen rechtsmiddel openstaat;
b) de rechterlijke instanties van de verdragsluitende staten wanneer zij in beroep uitspraak doen.

Artikel 3

1. De bevoegde autoriteit van een verdragsluitende staat kan aan het Hof van Justitie verzoeken zich uit te spreken over een vraagstuk betreffende de uitlegging van de in artikel 1 genoemde teksten, indien door rechterlijke instanties van deze staat gegeven beslissingen in strijd zijn met de door het Hof van Justitie of in een uitspraak van een in artikel 2 genoemde rechterlijke instantie van een andere verdragsluitende staat gegeven uitlegging. De bepalingen van dit lid zijn slechts van toepassing op uitspraken die in kracht van gewijsde zijn gegaan.

2. De door het Hof van Justitie naar aanleiding van een dergelijk verzoek gegeven uitlegging heeft geen gevolg voor de uitspraken waarover het Hof om uitlegging is verzocht.

3. De procureurs-generaal bij de Hoven van Cassatie van de verdragsluitende staten of elke andere door een verdragsluitende staat aangewezen autoriteit zijn bevoegd, zich met een verzoek om uitlegging als bedoeld in lid 1 tot het Hof van Justitie te wenden.

4. De griffier van het Hof van Justitie geeft kennis van het verzoek aan de verdragsluitende staten, aan de Commissie en aan de Raad van de Europese Gemeenschappen, die het recht hebben binnen twee maanden na deze kennisgeving bij het Hof memories of schriftelijke opmerkingen in te dienen.

5. Voor de in dit artikel omschreven procedure worden geen kosten geïnd of uitgaven vergoed.

Artikel 4

1. Voorzover dit protocol niet anders bepaalt, zijn de bepalingen van het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap en die van het daaraan gehechte protocol betreffende het statuut van het Hof van Justitie, die van toepassing zijn wanneer het Hof bij wijze van prejudiciële beslissing een uitspraak dient te doen, tevens van toepassing op de procedure inzake de uitlegging van de in artikel 1 genoemde teksten.

2. Het reglement voor de procesvoering van het Hof van Justitie wordt zo nodig aangepast en aangevuld overeenkomstig artikel 188 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap.

Artikel 5 (2)

Dit protocol is onderworpen aan bekrachtiging door de ondertekenende staten. De akten van bekrachtiging worden nedergelegd bij de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen.

Artikel 6 (3)

1. Om in werking te treden moet het onderhavige protocol bekrachtigd worden door zeven staten ten aanzien waarvan het Verdrag van Rome inzake verbintenissen van kracht is. Dit protocol treedt in werking op de eerste dag van de derde maand die volgt op het nederleggen van de akte van bekrachtiging door de staat die als laatste dezer deze handeling verricht. Indien evenwel het op 19 december 1988 te Brussel gesloten Tweede Protocol waarbij aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen bepaalde bevoegdheden worden verleend inzake de uitlegging van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980 (4), op een latere datum in werking treedt, treedt het onderhavige protocol eveneens in werking op de datum van inwerkingtreding van het Tweede Protocol.

2. Elke bekrachtiging na de inwerkingtreding van dit protocol wordt van kracht op de eerste dag van de derde maand die volgt op het nederleggen van de akte van bekrachtiging, mits de bekrachtiging, de aanvaarding of de goedkeuring van het Verdrag van Rome inzake verbintenissen door de betrokken staat effectief is geworden.

Artikel 7 (5)

De secretaris-generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen stelt de ondertekenende staten in kennis van:

a) het nederleggen van elke akte van bekrachtiging;

b) de datum van inwerkingtreding van dit protocol;

c) de ingevolge artikel 3, lid 3, meegedeelde lijst van aangewezen autoriteiten;

d) de ingevolge artikel 8 verstrekte mededelingen.

Artikel 8

De verdragsluitende staten doen de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen mededeling van de teksten van hun wettelijke bepalingen die een wijziging van de lijst van de in artikel 2, onder a), genoemde rechterlijke instanties met zich brengen.

Artikel 9

Dit protocol heeft rechtswerking zolang het Verdrag van Rome inzake verbintenissen van kracht is, onder de in artikel 30 van genoemd Verdrag bedoelde voorwaarden.

Artikel 10

Elke verdragsluitende staat kan verzoeken om herziening van dit protocol. In dat geval roept de Voorzitter van de Raad van de Europese Gemeenschappen een conferentie voor de herziening bijeen.

Artikel 11 (6)

Dit protocol, opgesteld in één exemplaar, in de Deense, de Duitse, de Franse, de Engelse, de Griekse, de Ierse, de Italiaanse, de Nederlandse, de Portugese en de Spaanse taal, welke tien teksten gelijkelijk authentiek zijn, zal worden nedergelegd in het archief van het Secretariaat-generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen. De secretaris-generaal zendt een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan toe aan de regeringen van de ondertekenende staten.

Ten blijke waarvan de ondergetekende gevolmachtigden hun handtekening onder dit Protocol hebben gesteld.

Gedaan te Brussel, de negentiende december negentienhonderd achtentachtig.

(Handtekeningen van de gevolmachtigden)

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN

Gemeenschappelijke verklaring

De regeringen van het Koninkrijk België, het Koninkrijk Denemarken, de Bondsrepubliek Duitsland, de Helleense Republiek, het Koninkrijk Spanje, de Franse Republiek, de Italiaanse Republiek, het Groothertogdom Luxemburg, het Koninkrijk der Nederlanden, de Portugese Republiek en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland,

Op het ogenblik van de ondertekening van het Eerste Protocol betreffende de uitlegging door het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, voor ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980,

Geleid door de wens een zo doeltreffend mogelijke toepassing van de bepalingen van dit Verdrag te verzekeren,

Verklaren zich bereid om samen met het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen een stelsel op te zetten voor de uitwisseling van gegevens betreffende uitspraken die in kracht van gewijsde zijn gegaan, voorzover deze uitspraken krachtens het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst zijn gedaan door de rechterlijke instanties bedoeld in artikel 2 van genoemd protocol. De uitwisseling van gegevens omvat:

- de toezending aan het Hof van Justitie door de bevoegde nationale instanties van de beslissingen van de in artikel 2, onder a), genoemde rechterlijke instanties, alsmede de significante beslissingen van de in artikel 2, onder b), genoemde rechterlijke instanties;

- het rangschikken en tot documentatie verwerken van deze uitspraken door het Hof van Justitie, met zo nodig het maken van samenvattingen en van vertalingen, alsmede de publicatie van bijzonder belangrijke beslissingen;

- de toezending door het Hof van Justitie van de documentatie aan de bevoegde nationale instanties van de staten die partij zijn bij het protocol, alsmede aan de Commissie en de Raad van de Europese Gemeenschappen.

Ten blijke waarvan de ondergetekende gevolmachtigden hun handtekening onder deze gemeenschappelijke verklaring hebben gesteld.

Gedaan te Brussel, de negentiende december negentienhonderd achtentachtig.

(Handtekeningen van de gevolmachtigden)

Gemeenschappelijke verklaring

De regeringen van het Koninkrijk België, het Koninkrijk Denemarken, de Bondsrepubliek Duitsland, de Helleense Republiek, het Koninkrijk Spanje, de Franse Republiek, Ierland, de Italiaanse Republiek, het Groothertogdom Luxemburg, het Koninkrijk der Nederlanden, de Portugese Republiek en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland,

Op het ogenblik van de ondertekening van het Eerste Protocol betreffende de uitlegging door het Hof van Justitie van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, ter ondertekening opengesteld te Rome op 19 juni 1980,

Verwijzende naar de gemeenschappelijke verklaring gehecht aan het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst,

Geleid door de wens een zo doeltreffend en eenvormig mogelijke toepassing van de bepalingen van dit Verdrag te verzekeren,

Verlangende te voorkomen dat verschillen in uitlegging van het Verdrag afbreuk doen aan de eenheid van dit Verdrag,

Spreken de mening uit dat iedere staat die lid wordt van de Europese Gemeenschappen tot dit protocol dient toe te treden.

Ten blijke waarvan de ondergetekende gevolmachtigden hun handtekening onder deze gemeenschappelijke verklaring hebben gesteld.

Gedaan te Brussel, de negentiende december negentienhonderd achtentachtig.

(Handtekeningen van de gevolmachtigden)

(1) Tekst zoals gewijzigd bij het Toetredingsverdrag van 1996.

(2) De toetredingsverdragen worden bekrachtigd overeenkomstig de hiernagenoemde bepalingen van deze verdragen:

- wat betreft het Toetredingsverdrag van 1984, artikel 3 van dit verdrag, dat als volgt luidt:

"Artikel 3

Dit Verdrag wordt door de ondertekenende staten bekrachtigd. De akten van bekrachtiging worden nedergelegd bij de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen.";

- wat betreft het Toetredingsverdrag van 1992, artikel 4 van dit verdrag, dat als volgt luidt:

"Artikel 4

Dit Verdrag wordt door de ondertekenende staten bekrachtigd. De akten van bekrachtiging worden nedergelegd bij het Secretariaat-generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen.";

- wat betreft het Toetredingsverdrag van 1996, artikel 5 van dit verdrag, dat als volgt luidt:

"Artikel 5

Dit Verdrag wordt door de ondertekenende staten bekrachtigd. De akten van bekrachtiging worden nedergelegd bij de secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie.".

(3) De toetredingsverdragen treden in werking overeenkomstig de hiernagenoemde bepalingen van deze verdragen:

- wat betreft het Toetredingsverdrag van 1984, artikel 4 van dit verdrag, dat als volgt luidt:

"Artikel 4

Dit Verdrag treedt tussen de staten die het hebben bekrachtigd, in werking op de eerste dag van de derde maand volgende op de nederlegging van de laatste akte van bekrachtiging door de Helleense Republiek en zeven staten die het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst hebben bekrachtigd.

Voor elke verdragsluitende staat die dit Verdrag later bekrachtigt, treedt het in werking op de eerste dag van de derde maand volgende op de nederlegging van zijn akte van bekrachtiging.";

- wat betreft het Toetredingsverdrag van 1992, artikel 5 van dit verdrag, dat als volgt luidt:

"Artikel 5

Dit Verdrag treedt tussen de staten die het hebben bekrachtigd, in werking op de eerste dag van de derde maand volgende op de nederlegging van de laatste akte van bekrachtiging door het Koninkrijk Spanje of de Portugese Republiek en één staat die het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst heeft bekrachtigd.

Dit Verdrag treedt voor elke verdragsluitende staat die het later bekrachtigt, in werking op de eerste dag van de derde maand volgende op de nederlegging van zijn akte van bekrachtiging.";

- wat betreft het Toetredingsverdrag van 1996, artikel 6 van dit verdrag, dat als volgt luidt:

"Artikel 6

1. Dit Verdrag treedt tussen de staten die het hebben bekrachtigd, in werking op de eerste dag van de derde maand volgende op de nederlegging van de laatste akte van bekrachtiging door de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland of het Koninkrijk Zweden en een verdragsluitende staat die het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst heeft bekrachtigd.

2. Dit Verdrag treedt voor elke verdragsluitende staat die het later bekrachtigt, in werking op de eerste dag van de derde maand volgende op de nederlegging van zijn akte van bekrachtiging.".

(4) Tekst zoals gewijzigd bij het Toetredingsverdrag van 1996.

(5) Van de Toetredingsverdragen wordt kennis gegeven overeenkomstig de hiernagenoemde bepalingen van deze verdragen:

- wat betreft het Toetredingsverdrag van 1984, artikel 5 van dit verdrag, dat als volgt luidt:

"Artikel 5

De secretaris-generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen stelt de ondertekenende staten in kennis van:

a) de nederlegging van iedere akte van bekrachtiging;

b) de data van inwerkingtreding van dit Verdrag voor de verdragsluitende staten.";

- wat betreft het Toetredingsverdrag van 1992, artikel 6 van dit verdrag, dat als volgt luidt:

"Artikel 6

De secretaris-generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen stelt de ondertekenende staten in kennis van:

a) de nederlegging van iedere akte van bekrachtiging;

b) de data van inwerkingtreding van dit Verdrag voor de verdragsluitende staten.".

- wat betreft het Toetredingsverdrag van 1996, artikel 7 van dit Verdrag, dat als volgt luidt:

"Artikel 7

De secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie stelt de ondertekenende staten in kennis van:

a) de nederlegging van iedere akte van bekrachtiging;

b) de data van inwerkingtreding van dit Verdrag voor de verdragsluitende staten.".

(6) De vermelding van de authentieke teksten van de Toetredingsverdragen is gebaseerd op de hiernagenoemde bepalingen van deze verdragen:

- wat betreft het Toetredingsverdrag van 1984, de artikelen 2 en 6 van dit verdrag, die als volgt luiden:

"Artikel 2

De secretaris-generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen zendt aan de regering van de Helleense Republiek een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Franse, de Ierse, de Italiaanse en de Nederlandse taal van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst.

De tekst van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst in de Griekse taal wordt aan dit Verdrag gehecht. De tekst in de Griekse taal is op gelijke wijze authentiek als de overige teksten van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst."

"Artikel 6

Dit Verdrag, opgesteld in één exemplaar, in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Franse, de Griekse, de Ierse, de Italiaanse en de Nederlandse taal, welke acht teksten gelijkelijk authentiek zijn, zal worden nedergelegd in het archief van het Secretariaat-generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen. De secretaris-generaal zendt een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan toe aan de regering van elke ondertekenende staat.";

- wat betreft het Toetredingsverdrag van 1992, de artikelen 3 en 7 van dit verdrag, die als volgt luiden:

"Artikel 3

De secretaris-generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen zendt aan de regeringen van het Koninkrijk Spanje en van de Portugese Republiek een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Franse, de Griekse, de Ierse, de Italiaanse en de Nederlandse taal van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst.

De tekst van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst in de Portugese en de Spaanse taal is opgenomen in de bijlagen I en II bij het onderhavige Verdrag. De teksten in de Portugese en de Spaanse taal zijn op gelijke wijze authentiek als de overige teksten van het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst."

"Artikel 7

Dit Verdrag, opgesteld in één exemplaar in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Franse, de Griekse, de Ierse, de Italiaanse, de Nederlandse, de Portugese en de Spaanse taal, welke tien teksten gelijkelijk authentiek zijn, zal worden nedergelegd in het archief van het Secretariaat-generaal van de Raad van de Europese Gemeenschappen. De secretaris-generaal zendt een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan toe aan de regering van elke ondertekenende staat.";

- wat betreft het Toetredingsverdrag van 1996, de artikelen 4 en 8 van dit verdrag, die als volgt luiden:

"Artikel 4

1. De secretaris-generaal van de Raad van de Europese Unie zendt aan de Regeringen van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden, een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Franse, de Griekse, de Ierse, de Italiaanse, de Nederlandse, de Portugese en de Spaanse taal van het Verdrag van 1980, het Verdrag van 1984, het Eerste Protocol van 1988, het Tweede Protocol van 1988 en het Verdrag van 1992.

2. De tekst van het Verdrag van 1980, het Verdrag van 1984, het Eerste Protocol van 1988, het Tweede Protocol van 1988 en het Verdrag van 1992 in de Finse en de Zweedse taal is op gelijke wijze authentiek als de overige teksten van het Verdrag van 1980, het Verdrag van 1984, het Eerste Protocol van 1988, het Tweede Protocol van 1988 en het Verdrag van 1992."

"Artikel 8

Dit Verdrag, opgesteld in één exemplaar in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Ierse, de Italiaanse, de Nederlandse, de Portugese, de Spaanse en de Zweedse taal, welke twaalf teksten gelijkelijk authentiek zijn, zal worden nedergelegd in het archief van het Secretariaat-generaal van de Raad van de Europese Unie. De secretaris-generaal zendt een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan toe aan de regering van elke ondertekenende staat.".

 

Danish German Greek English Spanish Finish French Italian Portugese Svedish